Contextuele therapie

   Contextuele therapie werd ontwikkeld door de Hongaars-Amerikaanse psychiater, Ivan Boszormenyi-Nagy. Hij integreerde de meer traditionele, op het individu gerichte therapie en de systemische therapieën, die inzetten op gezinsdynamieken en andere sociale verhoudingen. Nagy voegde daar een heel eigen dimensie aan toe, de relationeel ethische dimensie, die gaat over rechtvaardigheid in menselijke relaties.  Aan deze relationeel ethische dimensie ontleent de contextuele benadering haar eigenheid. Het is als het ware de bril waarmee een contextuele therapeut naar de relationele werkelijkheid kijkt. Nagy gebruikt hiervoor de metafoor van geven en ontvangen. Een relatie is rechtvaardig wanneer er op lange termijn een evenwicht bestaat tussen wat we investeren en wat we van de ander ontvangen, waarbij zowel met de eigen belangen als met de belangen van de ander wordt rekening gehouden. De balans van geven en ontvangen is essentieel om een evenwichtig contact te hebben met anderen. Wanneer er passend gegeven en ontvangen kan worden in relaties, kan er vertrouwen en betrouwbaarheid ontstaan. Deze balans kan echter ook verstoord geraken: je kan te lang in een erg gevende positie staan, je kan kwetsuren oplopen waardoor geven of ontvangen moeilijk wordt, je kan heel veel investeren in een relatie en het gevoel hebben dat dat niet gezien wordt, je kan zorg ontvangen zonder in de mogelijkheid te zijn ook iets terug te geven, je kan te weinig zorg, aandacht of betrokkenheid voelen,... Dit kan leiden tot veel onrecht, dingen die je niet verdient, en het kan je vertrouwen ernstig schaden. Onevenwicht in de balans van geven en ontvangen en beschadigd vertrouwen worden vaak over generaties heen meegenomen en beïnvloeden niet alleen jou, maar ook de relaties die jij aangaat, waardoor er een vicieuze cirkel ontstaat van onrecht. Contextuele therapie is erop gericht om de balans van geven en ontvangen in partnerrelaties, vriendschapsrelaties, werkrelaties en in families in beweging te brengen. Contextuele therapie wil destructieve patronen zichtbaar maken, onevenwicht herstellen, de dialoog met belangrijke anderen aanmoedigen en vertrouwen aanwenden om je meer vrijheid te geven om gezonde relaties aan te gaan én trouw te kunnen zijn aan jezelf. 

Je familie en je familiegeschiedenis krijgen een belangrijke plaats in de contextuele therapie. Terug kijken op wat zich heeft afgespeeld in je geschiedenis kan dikwijls een hele nieuwe kijk geven op wat zich nu afspeelt. Het kan verklaren, verzachten, verduidelijken, ontschuldigen,... het kan beter helpen begrijpen. Ik hecht eraan enkel achterom te kijken als dit helpend is om vooruit te kunnen kijken. Contextuele therapie is geen therapie voor de geschiedenis, contextuele therapie richt zich op de toekomst. Voor mij is het zoals in een achteruitkijkspiegel te kijken om veilig vooruit te kunnen. 

Contextuele therapie stopt meestal niet bij het inzicht, maar nodigt uit om de dialoog aan te gaan met belangrijke anderen en stappen te zetten. Dit vergt dikwijls veel moed en geduld. Een therapeutisch proces vraagt veel van je, maar kan leiden tot sterke relaties en je de vrijheid geven om te gaan doen wat echt past voor jou. 

Het contextuele gedachtegoed is voor mij de voedingsbodem van mijn werk. Maar tijdens mijn gesprekken hecht ik belang aan zo gewoon mogelijk te doen en ook gewone taal te gebruiken. Ik houd daarbij van eenvoud waar het kan.

Het grootste deel van de therapie bestaat uit gesprekstherapie, maar ik werk ook graag met beelden om dingen die moeilijk te zeggen zijn toch te kunnen uitdrukken.